De bommetjeskoningin

Afgelopen zomer bevond ik mij op het strand. Op dat moment was ook net ‘De Linda’ uit, waarin Linda zelf op de cover staat, in bikini. Groot ophef en iedereen vond er wel wat van. En daardoor was ik ineens extra alert op vrouwenlijven. Normaal kijk ik daar niet zo naar. Maar nu was ik toch benieuwd of het echt zo was wat ik had gelezen op de betrouwbare facebookplatformen. Dat de meeste vrouwen in de zomer op het strand niet met hun kind op de foto durfden. In bikini dan he?

Het viel me inderdaad op dat er meerdere vrouwen waren die onhandig met een grote sjaal hun lichaam wilden verbergen. Je weet wel, zo’n dunne sjaal, die in de paskamer nog een heel goed idee lijkt. Bijzonder dat op zo’n grote sjaal ook altijd grote prints staan, waardoor je juist nog meer de aandacht vestigt op het feit dat je je niet opperbest voelt in je corrigerende badpak met verhullende gerimpelde stof bij je probleemzones.
En dat deed me weer denken aan die keer dat ik met de oudste mee moest naar zwemles…..
 
Ik ging iedere week met haar mee naar de zwemles, want dat was mijn taakje. Vreselijk. Het domein van de Perfecte Moeders. En ik.
Voor het inluiden van de vakantie had de zwemjuf bedacht dat het superleuk zou zijn als 1 van de ouders met hun kind mee ging zwemmen tijdens de les.
Na een hevige strijd was ik toch de sjaak, want de zwemles was immers mijn taakje en dus werd ik de 1 van de ouders die mee moest. Helaas wist ik toen nog niet dat ál die andere moeders deze speciale zwemles wél vakkundig hadden uitbesteed aan de vaders als 1 van de ouders.
Dus die inktzwarte dag stond ik daar, winterwit, met corrigerend badpak en mét extra ingebouwde stofrimpels rondom de probleemzones. Ik hoopte dat die mijn zwangerschapskilo’s konden verhullen. Niet dat ik net bevallen was ofzo, maar goed.
Hoopvol keek ik om mij heen, op zoek naar de andere moeders. Die bleken er wel te zijn: volledig gehuld in kleding, langs de kant, camera in de hand. Alle vaders daarentegen stonden in hun zwembroek naast hun kroost. Alle vaders en ik. De juf wond er geen doekjes om en we moesten direct allerlei kunsten doen. Duiken vanaf het startblok, 7 meter onder water zwemmen, borstcrawl en rugcrawl. De juf hoefde nog net niet te water om mij te redden.
Als spetterende afsluiter, zo lachte ze geniepig, zouden we een bommetjeswedstrijd doen. Ik zocht in paniek naar de nooduitgang, maar mijn dochter trok me al enthousiast mee naar de startblokken.

Ik geloof dat een aantal mannen het ook niet zo’n best idee vonden om hun winterkilo’s op het startblok te moeten hijsen. Zeker niet omdat de rest er pal achter stond opgesteld in de rij.
Uiteindelijk was iedereen geweest en nu was ik aan de beurt. De enige Moeder. Mèt corrigerend badpak. Al corrigeert dat niks als je je been in je nek moet leggen om jezelf op dat startblok te takelen. In gedachte vervloekte ik alles en iedereen en in het bijzonder de badjuf. Ik probeerde mijn lijf nog te verhullen (met niks natuurlijk, want ik had niet gedacht aan zo’n grote sjaal met grote print) en ik stortte vervolgens half van het startblok af en kwam ongemakkelijk in het water terecht. Het was doodstil toen ik mezelf uit het water hees….
Ik wilde de badjuf en de zwemschool en alle Moeders aanklagen, maar besloot anders. Iedereen heeft me nu toch al van top tot teen gezien, dit ga ik de volgende ronde anders doen! Ik sta hier maar mooi als enige Moeder, inclusief alle extra kilo’s, putten en andere ellende. Ik ga nu ook gewoon laten zien wat ik kan!

Ik stapte opnieuw het startblok op. Hoofd omhoog en vol zelfvertrouwen. Kijken jullie maar naar die putten en extra kilo’s, vadertjes. Ik zal jullie eens laten zien hoe je een bommetje moet doen!
En daar ging ik. Ik sprong zó hoog, trok mijn benen ver in en landde kei- en keihard plat met mijn kont op het water! Toen ik boven kwam stond iedereen te juichen en de badjuf lag in een deuk. De bommetjesmeter stopte bij drie meter, maar ik had het plafond geraakt! BAM! De vaders namen me nog nét niet op de nek om een vreugderondje te maken, al denk ik wel dat ze dat best hadden gewild.
Eind goed, al goed. Ik had nog een week lang pijn aan mijn kont, maar boeiend ook: Ik was de Bommetjeskoningin.

Zo zie je maar weer: onzeker zijn brengt je niet ver, je kunt maar beter net doen alsof je nergens last van hebt. Dat doen die anderen tenslotte ook allemaal.

Terug naar het overzicht